Alle schakels in de sierteeltketen gaan samenwerken tegen fytosanitaire risico’s door het vergroten van kennis, risicobewustzijn en handelingsperspectief rondom quarantaine-organismen. De samenwerking komt tot uiting in een nieuw Kennis op Maat-project met de naam ’Een fytosanitair weerbare sierteeltketen’.
Exacte cijfers ontbreken, maar met enige regelmaat meldt de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) de vondst van nieuwe Q-organismen bij de import van sierplanten. In maart waren er vondsten van tripssoorten Scirtotothrips doralis en S. aurantii op sierheesters uit Italië. In april werd S. doralis gevonden in een buitenteelt. Deze vondst is de eerste keer dat in Nederland de bron van S. doralis niet naar een directe introductie te herleiden is. NVWA doet hier momenteel verder onderzoek naar met als belangrijke vraag of de trips in de buitenteelt heeft kunnen overwinteren.
NVWA gaat bedrijven in het vervolg zwaarder bestraffen als ze Q-organismen niet melden. Dat geldt ook voor het niet opvolgen van maatregelen of het voeren van onjuiste administratie. In situaties waar eerder een waarschuwing werd gegeven, wordt nu in sommige gevallen met een last onder dwangsom opgetreden. De zwaarste sanctie is de bestuurlijke boete. In uitzonderlijke gevallen is de boete omzetgerelateerd en kan deze in de tonnen lopen. De sanctie voor niet melden is direct een bestuurlijke boete, maar kwekers riskeren ook een strafrechtelijk proces als dit als fraude wordt beoordeeld.

