De rozenbottelvlieg komt vaak voor in rozenstruiken. De fruitvlieg legt haar eitjes in de nog groene rozenbottels van botanische rozen. De uitkomende larven (maden) voeden zich met het vruchtvlees, waardoor de rozenbottels ongeschikt zijn voor het maken van jam of gelei. De vlieg heeft geen schadelijke effecten op de plant zelf.
De rozenbottelvlieg (Rhagoletis alternata) is een kleine vlieg van ongeveer 4 mm lang. Het lichaam is geel met op de transparante vleugels opvallende zwarte banden. De vliegen leven kort en bevinden zich vaak op de waardplant, waar ze zich voeden met stuifmeel, nectar en rottend vruchtvlees. Het vrouwtje legt in juni-augustus kleine witte eitjes in de wand van de nog groene rozenbottel. De kleine ronde gaatjes blijven langere tijd waarneembaar.
De uitkomende larven zijn crèmekleurig, pootloos en hebben een typische ’maden-vorm’. Ze voeden zich met het rozenbottelvruchtvlees en bereiken in de loop van de zomer een lengte van 5-7 mm. In oktober verlaten ze de bottels om in de grond te verpoppen en te overwinteren. In het voorjaar verschijnen de vliegen van de nieuwe generatie.

