Vincent Luyendijk bracht vorig jaar in mei het boek De fijne stad uit, een inspiratieboek over stedenbouw, ontwerp en samenleven waarin de maatschappelijke waarde per vierkante meter centraal staat. Het boek slaat aan bij een brede doelgroep; Luyendijk gaf sinds het uitkomen ervan al zo’n zestig lezingen bij gemeenten, hogescholen, zorginstellingen, ontwikkelaars, aannemers en natuurorganisaties.
Je bent bedrijfskundige, hoe ben je bij het onderwerp stedelijke inrichting terechtgekomen?
„Na mijn studie heb ik jarenlang een bureau gehad voor innovatie en vormgeving. We kregen steeds vaker opdrachten van gemeenten. Vraagstukken rondom openbare ruimte en gebiedsontwikkelingen, en hoe je die communicatief neerzet. Ik merkte dat publieke opdrachten me steeds meer aanspraken. Alles wat puur commercieel was, begon me juist tegen te staan. Uiteindelijk heb ik in 2015 mijn aandeel in het bureau verkocht en ben ik eruit gestapt.

