„Ik wil eigenlijk nog wel een weekendje weg”, zegt mijn vrouw op een onbewaakte dinsdagavond. „Fietsen langs de rivier, dat is zó mooi in deze tijd!”
En zo sta ik op vrijdagmiddag mijn auto te wassen. Ik heb helemaal niets met auto’s, het zijn voor mij gebruiksvoorwerpen en hij zit dan ook helemaal onder het vuil en de krassen. Maar zo’n lenteschoonmaak doet goed. Voorin sop ik ’m helemaal uit. Achterin ruim ik al mijn gereedschap op. Maandag kan ik weer met een opgeruimd gevoel aan de slag.
In Cuijk hebben we een kleine B&B en maken prachtige fietstochten langs de Maas en zelfs naar Lobith aan de Rijn. We eten asperges op een zonovergoten terras met uitzicht over de rivier. Traag trekken de schepen aan ons voorbij. Het maakt ons weeïg. „Dit moeten we vaker doen”, zeggen we tegen elkaar.

