CropLife NL CropLife NL maakt zich zorgen over het besluit van het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Ctgb) om vooruitlopend op het Europese herbeoordelingstraject, zelfstandig nationale stappen te zetten bij de herbeoordeling van 46 de zogenoemde ’PFAS-middelen’. Het Ctgb erkent de versnelling. Ze vindt het niet verantwoord het reguliere Europese proces af te wachten, omdat dit naar verwachting niet snel genoeg verloopt.
Recent Deens onderzoek laat zien dat diverse PFAS-stoffen in gewasbeschermingsmiddelen afbreken tot TFA (trifluorazijnzuur), een afbraakproduct dat makkelijk in het grondwater kan komen. Denemarken heeft dit gemeld bij de Europese Commissie (EC). De EC heeft aangegeven de aanpak van deze middelen niet te zullen versnellen, maar zegt wel dat het de lidstaten vrijstaat de toelatingen te heroverwegen op basis van artikel 44 van de Verordening. Dat is wat Nederland nu doet. Artikel 44 bepaalt dat een lidstaat bestaande toelatingen kan herbeoordelen wanneer er nieuwe wetenschappelijke feiten beschikbaar zijn, en dat is de informatie die voortkomt uit de Deense onderzoeken. Nederland zet deze stap primair ter bescherming van het grondwater. Noorwegen en Zweden zetten eenzelfde stap; uiterlijk 30 april 2028 willen zij alle besluiten genomen hebben. Oostenrijk, België, Tsjechië en Frankrijk hebben tot nu toe aangegeven de Commissie af te wachten.
„Het Europese toelatingsproces is bedoeld om tot geharmoniseerde en wetenschappelijk onderbouwde besluiten te komen. Door nu een eigen koers te varen, ontstaat het risico op versnippering en onzekerheid voor telers en de sector als geheel,” aldus Jan Verschoor, algemeen directeur CropLife NL.
Kans op versnippering
CropLife NL onderschrijft het belang van schoon grondwater en het tegengaan van normoverschrijdingen. Het Ctgb stelt dat TFA op dit moment geen gezondheidsrisico vormt, omdat de blootstelling via drinkwater ruim onder de aanvaardbare dagelijkse inname blijft. Dat klopt, maar het Ctgb brengt daar tegenin in dat TFA nauwelijks afbreekt, zeer mobiel is en zich zo ophoopt in het grondwater. In de toekomst kan een oplopende concentratie TFA wel gevolgen hebben voor de grondwater- en daarmee de drinkwaterkwaliteit.
Omdat de kennis rondom dit thema nog volop in ontwikkeling is, ziet CropLife NL geen directe noodzaak om nu nationaal in te grijpen. Ze pleit voor maatwerk en aansluiting bij het geharmoniseerde Europese traject.
Grote gevolgen
Een nationale aanpak kan volgens CropLife NL grote gevolgen hebben: als bepaalde middelen wegvallen, kunnen telers sommige ziekten en plagen niet meer bestrijden. „Nu Nederland zelfstandig ingrijpt, verliezen telers mogelijk essentiële middelen en komen hun oogsten in gevaar of zelfs het volledig wegvallen van enkele belangrijke teelten voor Nederland. Daarmee ontstaat een ongelijk speelveld met onze buurlanden en de onzekerheid dat Nederlands voedsel beschikbaar en betaalbaar blijft”, aldus Verschoor.
Het Ctgb realiseert zich dat haar besluit mogelijk grote gevolgen kan hebben voor de beschikbaarheid van gewasbeschermingsmiddelen in de landbouw. Bovendien wordt verwacht dat op termijn TFA-producerende werkzame stoffen niet langer zullen worden goedgekeurd in Europa.
Nader onderzoek
CropLife NL roept demissionair landbouwminister Wiersma op om de gevolgen voor de sector zorgvuldig te laten onderzoeken en af te wegen, voordat er nationale maatregelen worden genomen. CropLife NL en de aangesloten bedrijven zijn vanzelfsprekend bereid om een constructieve bijdrage te leveren aan dit onderzoek. Nader onderzoek naar de gevolgen voor onder meer de land- en tuinbouwbouw is wat betreft het Ctgb ook gewenst. Daarbij zou aandacht moeten zijn voor alternatieven voor middelen die mogelijk wegvallen.
Wiersma heeft al een eerste reactie gegeven. Ze neemt pas een besluit of toelatingen worden ingetrokken of beperkt als het Ctgb heeft geanalyseerd hoeveel TFA uit deze middelen vrijkomt en hoe schadelijk dat is voor bodem- en drinkwater. Daarnaast wil de minister een gezamenlijke aanpak om stoffen in heel Europa op dezelfde manier te beoordelen. Dat betekent dat Nederland eerst wacht op resultaten van de Europese stofbeoordelingen. Er is dus nog geen tijdpad naar een verbod.

