Vorige

Leliekweker Van Meijel verliest zaak in hoger beroep

Beeld
Lé Giesen

Leliekweker Peter van Meijel is in het ongelijk gesteld in hoger beroep tegen omwonenden van een lelieperceel in Sevenum. Het gerechtshof ’s-Hertogenbosch verbiedt hem tot en met 2028 lelies met behulp van bepaalde gewasbeschermingsmiddelen te telen op dat perceel nabij een woonwijk. De rechter oordeelt in hoger beroep dat Van Meijel een bijzondere zorgplicht heeft ten aanzien van de omwonenden. De KAVB reageert ernstig bezorgd.

Het gerechtshof deed vandaag uitspraak, een week eerder dan gepland. Van Meijel was in hoger beroep gegaan na het vonnis dat rechtbank Limburg op 8 mei uitsprak. Die verbood op basis van het voorzorgprincipe voor onbepaalde tijd de lelieteelt naast de woonwijk vanwege gezondheidsrisico. Vooral jonge en ongeboren kinderen lopen risico, oordeelde de rechter. Van Meijel ging in hoger beroep gesteund door de KAVB. De hoorzitting daarvan was 21 mei.

Het hof oordeelt nu dat het toelatingssysteem voor gewasbeschermingsmiddelen een verfijnd systeem is dat met waarborgen is omgeven. Daarom zouden de leliekweker en omwonenden normaal gesproken mogen vertrouwen op de uitkomsten van de toelatingsbeoordeling door de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA), de Europese Commissie en uiteindelijk het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Ctgb).

Geen onderzoek naar neurodegeneratieve ziektes en ontwikkelingsstoornissen

Echter, volgens het hof is er in deze zaak sprake van ‘bijzondere omstandigheden’. Er is namelijk gedurende de toelatingsprocedure van de door de teler te gebruiken middelen geen onderzoek verricht naar risico’s op neurodegeneratieve ziektes die op latere leeftijd optreden, zoals de ziekte van Parkinson. Ook is er geen onderzoek gedaan naar risico’s op ontwikkelingsstoornissen voor jonge en ongeboren kinderen. ‘De te gebruiken middelen leveren echter wel een potentieel gevaar op voor het ontstaan van deze aandoeningen. Dat hebben de omwonenden in deze procedure aannemelijk gemaakt met de door hen in het geding gebrachte bevindingen en conclusies van deskundigen’, aldus een persbericht over de zaak.

Wetenschap erbij betrekken

Daarom, zo oordeelt het hof, zou Nederland en/of het Ctgb een risicobeoordeling door wetenschappelijke deskundigen moeten laten verrichten. Die beoordeling heeft (nog) niet plaatsgehad. Daarom zegt het hof: ‘Onder deze omstandigheden mag de lelieteler er niet op vertrouwen dat er met de door hem te gebruiken gewasbeschermingsmiddelen geen reëel gevaar voor gezondheidsschade bestaat.’

Wet schiet te kort

Verder blijkt er in Nederland geen wettelijke verplichting voor landbouwers om in de nabijheid van kwetsbare groepen, zoals kinderen, het gebruik van pesticiden te minimaliseren of volledig achterwege te laten. Volgens het hof heeft de leliekweker vanwege die bijzondere omstandigheden een bijzondere zorgplicht ten aanzien van de omwonenden. Wanneer hij in 2027 toch lelies gaat kweken, schendt hij die zorgplicht en pleegt hij een onrechtmatige daad, als hij daarbij de in deze zaak genoemde gewasbeschermingsmiddelen gebruikt. Het hof legt de lelieteler daarom tot en met 2028 een verbod op om lelies te kweken met gebruikmaking van die gewasbeschermingsmiddelen.

Rechter Limburg zat fout

Het hof in hoger beroep stelt echter wel dat de rechtbank Limburg die de leliekweker eerder een verbod voor onbepaalde tijd op legde, op grond van het Europeesrechtelijke voorzorgsbeginsel, niet juist is. Maar het hof oordeelt dat omwonenden geen beroep kunnen doen op dit voorzorgsbeginsel en dus mag de rechter dit beginsel niet zelf gebruiken om een verbod op te baseren. Het hof legt de lelieteler nu ook een verbod op, maar dan op basis van een (dreigende) onrechtmatige daad wanneer hij lelies zou gaan telen met gebruik van de gewasbeschermingsmiddelen.

Tijdelijk verbod

Anders dan de rechtbank Limburg legt het hof in Den Bosch de teler een tijdelijk verbod op tot eind 2028, terwijl de Limburgse rechtbank een verbod voor onbepaalde tijd had opgelegd. Voor eind 2028 kan een eventueel te starten bodemprocedure over het voorgenomen gebruik zijn afgerond of kunnen resultaten van nader wetenschappelijk onderzoek bekend zijn, stelt het hof.

KAVB: ‘Ernstig bezorgd’

Hester Maij, voorzitter van de KAVB, reageert op de uitspraak. „De KAVB heeft de uitspraak van het gerechtshof Den Bosch in de zaak rond leliekweker Peter van Meijel met ernstige bezorgdheid ontvangen. We bestuderen de uitspraak op dit moment grondig en zorgvuldig, samen met LTO Nederland en juridische adviseurs. We brengen de impact van het arrest in kaart en bekijken de mogelijkheden voor cassatie.”

Gerelateerde content

Registreren

Selecteer een van de demo’s en krijg vijf dagen gratis toegang tot PlatformGroen

Onbeperkt gebruik maken van PlatformGroen?
Bekijk de mogelijkheden.

Heeft u een abonnement op Tuin en Landschap en/of De Boomkwekerij, maar geen account?
Neem contact met ons op.

Al een account?
Inloggen

Log hier in met uw account van Tuin en Landschap en/of De Boomkwekerij.

Heeft u een abonnement op Tuin en Landschap en/of De Boomkwekerij, maar geen account?
Neem contact met ons op.

Sluit venster
  • Feedback ontvangen wij graag!

Sluit venster