Waterschap Aa en Maas onderzoekt met partners of het slootmaaisel dat van juni tot medio november voorhanden is, geschikt is als voedingsbodem voor insecten. Het waterschap wil in 2050 100% circulair zijn en dit onderzoek draagt daaraan bij.
Het slootmaaisel bestaat vooral uit grassen, waternavel en Japanse duizendknoop. In het onderzoek wordt getest of dit maaisel geschikt is voor de teelt van meelwormen van de meeltor en van de zwarte soldaatvlieg. „Eten de wormen er voldoende van? Kunnen ze zich goed voortbewegen en schuilen in het maaisel? Dit is belangrijk, want als de meelwormen zich goed voelen, staat niets hun groei in de weg en kunnen ze uiteindelijk dienen als voer voor kippen en varkens”, aldus Waterschap Aa en Maas.
Staatsbosbeheer

