De digitale stembussen voor de insecentenverkiezing 2026 zijn geopend. Vijf inheemse insecten strijden, elk gesteund door een bekende Nederlander, om de titel Insect van het Jaar 2026. Stemmen kan tot 8 april.
De kandidaten en hun ambassadeurs zijn:
- De hertenluisvlieg (Lipoptena cervi) met Maarten van Rossem: Hertenluisvliegen zijn platte insecten die leven in de dichte vacht van reeën en edelherten. Met hun spitse snuit steken ze door de huid en zuigen het bloed van het hert.
- De grote rietsigaargalvlieg (Lipara lucens) met Chris Bergström: De larve van de grote rietsigaargalvlieg maakt een veilig huisje door een houtige, sigaarvormige verdikking te veroorzaken in het riet waar hij opgroeit: de sigaargal. Zijn onderkomen heeft niet alleen eetbare muren voor hemzelf, maar ook voor inwonende andere insecten.
- De dubbeldragende zandoorworm (Labidura riparia) met Emma Wortelboer: Deze insecten kunnen hun achtervleugels als een soort superorigami onder hun korte voorvleugels opvouwen. Ze maken nesten, bewaken hun eitjes en houden ze schoon tot ze uitkomen en zorgen daarna nog een paar dagen voor hun jonkies.
- De boerenwormkruidbladrandluis (Coloradoa tanacetina) met Nanoah Struik: Boerenwormkruid heeft bladeren die gekarteld zijn en tussen die karteltjes leeft een bladluisje dat kleiner is dan 2 mm. Daar zuigt ze sap uit de zijkant van het blad. Vaak leven bladluizen in kolonies en vallen daardoor gemakkelijk op, maar deze soort leeft in haar eentje en is met haar groene kleur heel goed verstopt.
- De vuurzwamveervleugelkever (Baranowskiella ehnstromi) met Frédérique Spigt: Dit is met een halve millimeter de kleinste kever van Europa. Hij past precies in de minuscule poriën van vuurzwammen, waarvan hij de sporen eet. Hij kan de sporen ook meenemen in een buideltje om zo ergens anders nieuwe paddenstoelen te ’zaaien’.
De verkiezing van het Insect van het jaar wordt georganiseerd door onder andere Naturalis Biodiversity Center en Kenniscentrum EIS.

